Naar een nieuwe H ART

Gepubliceerd op: 20 June 2019

Het moet 1996 geweest zijn toen ik Marc Ruyters voor het eerst ontmoette. In het Provinciaal Museum voor Moderne Kunst te Oostende was dat, toen nog onder het leiderschap van conservator-generaal Willy Van den Bussche. Ik mocht er de communicatie en persrelaties verzorgen voor ‘Van Ensor tot Delvaux’. Mooie tijden waren dat voor een toen nog jonge persattaché. Journalisten kwamen graag naar Oostende en schreven uitvoerig over de tentoonstelling. Het RTBF- en VRT-journaal kwamen langs, de radiozenders gaven present, de kwaliteitskranten organiseerden nocturnes. In samenwerking met de toeristische diensten haalden we bovendien de crème de la crème van het buitenlandse journaille naar Oostende. Dikke rijen mensen stonden vervolgens in de Romestraat aan te schuiven om de tentoonstelling te aanschouwen.  

Hoe anders was de situatie tien jaar later. Ik was ondertussen aan de slag in het M HKA in Antwerpen. De tijd van de grote blockbuster events zoals ‘Van Dyck 1999’ en ‘Brussel 2000’ lag ver achter ons. Het bekomen van persaandacht voor de tentoonstellingen die in het Antwerpse Museum van Hedendaagse Kunst geprogrammeerd werden was bij wijlen een ware calvarietocht. Geen tijd, geen ruimte, geen interesse. Eén van de journalisten die ik wel altijd mocht verwelkomen was Marc. Ik liep hem ook overal elders tegen het lijf. Of het nu een opening in een ander museum, een galerie of een nieuw kunstinitiatief betrof, in Antwerpen, Brussel, Knokke, of ergens diep in het Vlaamse polderland, Marc gaf altijd present. En toen hij dus in 2005 in Entrepot de Congo bij een eenvoudige lunch en een glas rode wijn zijn plannen uiteenzette voor H ART magazine kon ik daar alleen maar enthousiast op reageren. Eindelijk! Een kwaliteitsvol en toegankelijk blad over hedendaagse beeldende kunst.  

Op 16 januari 2006 werd de eerste editie boven de doopvont gehouden. Dertien jaargangen, 193 nummers en honderden artikels verder zijn we ondertussen. Marc stelde een trouw team samen dat zich – tot op vandaag – elk nummer opnieuw onverdroten inzet om u deelachtig te maken aan het reilen en zeilen in de Belgische kunstwereld en daarbuiten. In januari 2018 besloot hij op pensioen te gaan en de fakkel als hoofdredacteur over te dragen aan Anne-Marie Poels en Sam Steverlynck. Met dat pensioen was het aanvankelijk nogal pover gesteld. Marc bleef actief betrokken bij het blad, als bezieler, schrijver én als zaakvoerder. Toen hij ook dat laatste afgelopen januari uit handen gaf aan ondergetekende bleek de tijd aangebroken om ons te bezinnen over de toekomst.  

Alle existentiële vragen die betrekking hebben op H ART werden op tafel geworpen: Wat maakt H ART tot H ART? Wat kan een blad over hedendaagse kunst vandaag nog betekenen? Waar en hoe kunnen we een verschil maken? Welke artikels willen we graag brengen? Hoe bereiken we Generatie Z? Hoe willen we online aanwezig zijn? Waar houdt de jonge garde kunstcritici zich op? Hoe zorgen we ervoor dat het blad financieel gezond blijft?  

En dus, beste lezer, is deze H ART #193 het laatste nummer in zijn huidige verschijningsvorm. Want vanaf september gooien we het over een andere boeg. We nemen afscheid van Kim Beirnaert, die alle afgelopen nummers zo zorgzaam en mooi vormgaf, elke deadline respecterend, waardoor u ons altijd op het afgesproken tijdstip kon lezen. Ze maakte H ART mee tot wat het vandaag is, een gerespecteerd en eigenzinnig blad. We kunnen daar alleen maar dankbaar om zijn, want het was toch elke maand weer een bijzonder gebeuren.  

Marc Ruyters blijft verbonden aan het blad als senior writer, mentor, steun en toeverlaat. Samen met hem en het huidige team zetten we de krijtlijnen uit voor de toekomst. En bij die toekomst horen wat ons betreft ook nieuwe stemmen. Want we zijn benieuwd naar hoe de jongere generatie vandaag naar kunst kijkt, wat ze daarover te vertellen heeft en vooral hoe ze dat verwoordt (of verbeeldt). Daarom organiseren we onder het mentorschap van Hans Theys, kunstkijker, curator, docent maar bovenal schrijver, een heuse prijskamp.  

Tijdens het Brusselse Gallery Weekend in september presenteren we u onze nieuwe website en vooral ons vernieuwde blad. Maar vooraleer het zover is bieden we u nog een zomer boordevol leesplezier. Op 4 juli verschijnen we in een handig A4-formaat. We nemen u mee naar bijzondere plekken in Europa zoals de Biblioteca del Sol van Louis De Cordier en Isola Comacina. We reizen met de Trans-Siberische trein langsheen de verborgen kunstscenes van Rusland, we spreken met Jean Katambayi over leven en werk in Brussel en Lubumbashi. Sam Steverlynck trekt samen met Claudia Radulescu en Els Vermang naar Boekarest en meet er de artistieke temperatuur aan de vooravond van Europalia Roemenië. Bram Van Beek zoomt in op 50 jaar ‘Rencontres de la Photographie’ in Arles. Phillip Van den Bossche brengt verslag uit van ‘El Anatsui: Triumphant Scale’, de laatste tentoonstelling van Okwui Enwezor. En Pieter Vermeulen bezoekt Otobong Nkanga in haar residentie bij Gropius Bau in Berlijn. Wie het liever wat dichter bij huis zoekt kan inspiratie halen uit Marc Ruyters’ kunstzinnige roadtrip langsheen de Belgische kust en Chantal De Smet duikt voor ons in haar boekenkast en selecteert enkele bijzondere kunstenaarsbiografieën. 

Ik hoop, beste lezer, dat wij u nog vele jaren mogen onderhouden over de kunst en alles wat daar komt bij kijken. 

Kathleen WEYTS, zaakvoerder

Praktische Info

Geen praktische info beschikbaar.

Keywords