Vooraf H ART #166

Gepubliceerd op: 26 January 2017

Dit is dus de eerste subsidievrije H ART sinds januari 2008. We gaan daar niet blijven over zeuren, we zijn volop bezig een ‘dynamische overlevings- en nieuwestart-strategie’ uit te werken en verklaren ons vanaf nu ‘zuurvrij’. Dit nummer 166 is daar een voorlopige emanatie van: wat dunner, noem het voorzichtigheidspolitiek, maar dat kan snel weer veranderen. Ons abonnementenbestand stijgt overigens, dus we (b)lijken op de goede weg. En we danken ook de vele mensen die een financieel steentje bijdroegen voor onze H ART Fundatie. Eigenlijk bevinden we ons opnieuw in de fase van de eerste twee H ART-jaren, 2006 en 2007, toen we ons ook bewust wilden waarmaken zonder overheidssubsidies, als een soort statement, en we hebben het toen ook gehaald. Dat statement willen we herhalen.

Het jaar 2017 wordt qua beeldende kunst erg druk, niet alleen in de Benelux, maar vooral elders, met een nieuwe Documenta in Kassel en Athene, de biënnale van Venetië (met Dirk Braeckman als Belgische en Wendelien van Oldenborgh als Nederlandse vertegenwoordiger), Skulptur Projekte Münster en nog veel meer. En er zijn de vele grote en kleine tentoonstellingen in binnen- en buitenland, de nieuwe tendensen, de gevestigde en opkomende kunstenaars, waar H ART zo veel en zo goed mogelijk over wil berichten en een gidsfunctie in wil vervullen.

Maar 2017 wordt natuurlijk ook om nog andere redenen een ‘breaking year’: met Donald Trump als nieuwe president, met Brexit, de komende verkiezingen in Frankrijk, Nederland, Duitsland … Allemaal redenen tot grote bezorgdheid, maar toch ook een grote uitdaging voor kritische geesten, een hefboom voor nieuwe kansen. Van de (meeste) politici moeten we het wellicht niet hebben, van de vox populi ook niet, en de zogeheten elite kijkt ongemakkelijk toe en zwijgt. Wie zijn dan diegenen die het ijzer moeten breken? De kunstenaars, ongetwijfeld. Zij zijn de eersten met de vinger aan de pols, zij detecteren vóór alle anderen de tektonische schommelingen in onze lokale en globale samenleving, zij bieden als eersten ogenschijnlijk onbruikbare tools (een hedendaags kunstwerk!), maar leggen, telkens weer in de (kunst)geschiedenis, de fond voor een totaal nieuw denken.

Voorbeelden van dergelijke kunstenaars in deze HART: Yves Velter maakt beelden die vooral draaien rond de moeilijkheden en mogelijkheden van communicatie en die een existentieel ongemak uitstralen. Sven ’t Jolle maakt impliciet politieke statements over de vluchtelingenproblematiek, de bankencrisis en andere heikele thema’s, niet gespeend van enige humor (altijd een stevig wapen). Sofie Muller pakt uit met albasten beelden rond pijn en tristesse. Peter Depelchin transponeert het middeleeuwse thema van de Hortus Conclusus naar vandaag, de link met besloten vluchtelingenkampen is niet ver weg. Narcisse Tordoir heeft het over dood en schaduw.

Elk op hun manier gaan ze artistiek om met de onmacht, de pijn, de angst voor het vreemde, de lasten en lusten van de globalisering én van het zich terugtrekken op het eigen stekje. Ik denk (en hoop) dat de avant-garde kunstenaars, elk in hun genre en medium, de pijnpunten en zenuwen verder zullen blootleggen en de goegemeente, van elite tot populisten, de ideeën zullen aanreiken om de heersende negativiteit om te buigen tot een Nieuw Maakbaar Optimisme.

Marc RUYTERS

Praktische Info

Geen praktische info beschikbaar.

Keywords

Geen keywords beschikbaar.